Komt ouderdom voor jou ook met gebreken?

web pillenMaandagavond heb ik een workshop gegeven bij DB Skincoaching in de Middenbeemster. Onderwerp: “De kracht van voeding. Het geheim van er goed blijven uitzien.” Onder het genot van een heerlijke graan- en suikervrije chocoladetaart (een fantastisch recept uit het boek “Weten van (h)eerlijk eten“) en overheerlijke, prachtige abrikoos-bonbons (naar een recept dat ik bij Paleo-recepten op Facebook vond (terugscrollen naar 29 januari)) heb ik een verhaal gehouden over gezond ouder worden.

Persoonlijk ben ik van mening dat we vaak veel te makkelijk berusten in “Ouderdom komt nu eenmaal met gebreken”. Alhoewel we niet ontkomen aan een stuk slijtage, accepteren we veel te gemakkelijk dat het ouder worden gepaard zou moeten gaan met allerlei kwalen.

Ter illustratie:

Vanmorgen kwamen mij enkele cijfers onder ogen van het geneesmiddelengebruik bij 55-plussers. Het Orthomoleculair Magazine citeerde een onderzoek dat Gezondheidsnet in november publiceerde. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat de gemiddelde 55-plusser dagelijks zo’n 4 pillen slikt, vaak meerdere soorten tegelijk. De top 5 is als volgt:

  1. bloeddrukverlagers (48%)
  2. cholesterolverlagers (38%)
  3. tegen hart- en vaatziekten (28%) (ik vermoed bloedverdunners naast de onder 1 en 2 genoemde)
  4. brandend maagzuur (21%)
  5. medicijnen in verband met diabetes mellitus (ouderdomssuiker) (18%)

Ik schrok van deze cijfers, alhoewel het beeld grotendeels wel bevestigd wordt in mijn praktijk. Maar ja, mensen die zich tot mij wenden hebben natuurlijk gezondheidsklachten. Dus dan is het niet vreemd dat ik vaker dan gemiddeld mensen tref die medicijnen gebruiken. Deze cijfers geven echter wel aan dat 1 op de 2 55-plussers lijdt aan een te hoge bloeddruk en 1 op de 5 diabetes-patiënt is…

Boze tongen beweren dat de macht van de Farmaceutische industrie debet is aan deze ontwikkeling. Zij zouden ons al die medicijnen onnodig aansmeren, eenzijdig onderbouwd met enkel die onderzoeken die voor hen gunstig uitpakken… Ik kan dat bekrachtigen noch ontkennen. Persoonlijk houd ik niet van dit soort samenzwerings-theoriën en ik verdiep mij daar dan ook verder niet al te veel in. Wel ben ik ervan overtuigd dat veel mensen de kans laten liggen om met enkele aanpassingen in hun voedings- en leefpatroon het tij te keren, om zelfs misschien weer van de medicijnen af te komen!

Zo onderkent ook de Hartstichting dat een gezond voedingspatroon een belangrijke factor is bij het verkleinen van het risico op hart- en vaatziekten. Uit een onderzoek dat zij uitvoerden bleek dat slechts 22,2% van de ondervraagden aan de voedingsnorm voor fruit (2 stuks) voldeden. Minder dan de helft (41,5%) at voldoende groenten (volgens het rapport zou dit tenminste 150 gram zijn), een zelfde aantal kreeg niet te veel vetzuren binnen (uitgedrukt in energie-iname). Tot slot voldeed iets meer dan de helft (57,2%) aan de norm voor vezelgebruik van tenminste 25 gram. Meer fruit, meer groente, minder vet en vezelrijk is dus de boodschap!

Ik ben het grotendeels niet oneens met deze boodschap. Al zou ik er wel enige nuance op willen aanbrengen en vooral de aandacht wat willen verleggen. Mijn dochter Hannah (8 jaar) heeft het inmiddels al begrepen: “Bla, bla, bla. Bla, bla, bla. En suiker is niet goed voor je”. 😉 Want het overmatig gebruik van snelle suikers (of beter gezegd van snelle koolhydraten) is een heel belangrijke boosdoener. Niet alleen waar het hart- en vaatziekten betreft, maar eigenlijk waar het alle zogenaamde ‘westerse welvaartsziekten’ betreft. Cliënten die bij mij aan hun gezondheid werken met de methode Metabolic Balance® kunnen het verhaal inmiddels al dromen (hoop ik! 😉 ).

Sinds het begin van de 19de eeuw is ons suikergebruik enorm toegenomen. Van ca. 8 kg in 1815, via ca 40 rond beide wereldoorlogen, consumeert de moderne westerse mens nu ca 70 kg suiker per jaar. Voor de goede orde: onder suiker versta ik niet alleen tafelsuiker, maar ook koek, snoep, gezoete yoghurt, vruchtensappen en zelfs de zogenaamde gezondere zoetmiddelen als honing, agavesiroop etc. Suikerrijke produkten dus. Deze suikerrijke produkten worden snel omgezet in glucose-moleculen die via de darm worden opgenomen in het bloed. De hoeveelheid glucose in het bloed wordt ook wel de bloedsuikerspiegel genoemd. Stijging van de bloedsuikerspiegel betekent voor de pancreas (alvleesklier) dat er insuline aangemaakt moet worden. Insuline zorgt ervoor dat glucose uit het bloed in de spieren en lever worden opgeslagen om op een later moment als energie gebruikt te kunnen worden. Zijn de voorraadkamers daar vol, dan wordt het overschot aan glucosemoledulen opgeslagen in de reserve-voorraadkamer: de vetcellen. Met name de vetcellen in de buikstreek ontvangen graag die extra glucose-moleculen. Je herkent die reserve-opslag ook heel gemakkelijk: aan de reserve-zwemband rond je middel!

De pancreas houdt dat best even vol, het aanmaken van extra insuline om de overmaat aan glucose op te slaan voor meer barre tijden die mogelijk nog eens aan zullen breken. Maar op een gegeven moment raken de vetcellen verzadigd en gaan zich ‘doof’ tonen voor het insuline-signaal om de poorten voor ronddwalend glucose te openen. De bloedsuikerspiegel gaat dan minder makkelijk naar beneden en de pancreas lost dat op door nog maar even een tandje bij te zetten en meer insuline aan te maken.

Intussen is het lichaam al wat in stress, want de vetcellen beginnen wat ontstekingsstofjes te produceren, de pancreas draait overuren en de bloedsuikerspiegel is veel onregelmatiger. De stofwisseling raakt uit balans, het lichaam vraagt op de meest rare moment om eten terwijl er net gegeten is en alles is erop gericht de overmaat aan glucose in het bloed op te slaan. Insuline in het bloed betekent ook dat het lichaam in de modus ‘vet opslaan’ staat en niet in ‘vet verbranden’. De reserve vetlaag dreigt daardoor meer een permanente reserve te worden met heel vervelende eigenschappen, zoals de eerder genoemde ontstekingsneiging.

Dáár ligt dan ook een belangrijke oorzaak van veel westerse ziekten: de zogenaamde ‘laaggradige ontstekingen’ in ons lichaam. Geen ontsteking zoals we die wel kennen met roodheid, warmte, zwelling en pijn. Maar smerige, sudderende ontsteking-kjes die heel geleidelijk aan hun vernietigende werking hebben.

Atherosclerose (aderverkalking) is het gevolg van ontsteking en daarmee beschadiging van de aderwand. Ouderdomssuiker is het gevolg van een overwerkte pancreas die het heeft opgegeven. En zo kan ik nog wel meer verbanden noemen tussen enerzijds een te hoog suikergebruik en anderzijds achteruitgang van onze gezondheid.

Aan de bevinding van de Hartstichting zou ik daarom willen toevoegen: MINDER SUIKER!

Vond je deze blog interessant? Deel ‘m via de sociale media met je familie en vrienden. De mogelijkheid hiertoe vind je hieronder.

Of beter nog: abonneer je op mijn wekelijkse blog door je mailadres achter te laten linksboven aan deze site.

Volgende week wil ik verder ingaan op een andere oorzaak van veel gezondheidsklachten: ons vetgebruik. In oktober schreef ik al eens over het verband tussen vetgebruik en hart- en vaatziekten. En trouwe lezers herinneren zich vast nog wel dat dit artikel een verrassende wending had. De meesten eten nu weer gewoon roomboter op hun brood. Ook zijn er verschillende kokos-adepten naar aanleiding van mijn blog over kokosvet.

Volgende week een vervolg, mis ‘m niet!